Geschiedenis van het "baptisme".
Het woord "baptist" komt van het griekse "baptizo" dat "onderdompelen" betekent. Het woord wordt in het Nieuwe Testament gebruikt op plaatsen waar verhaald wordt dat mensen die gingen geloven in Jezus Christus "gedoopt" werden. Met de doop maakten deze mensen duidelijk dat zij een nieuw leven hadden ontvangen, en waren begonnen. Zij waren christen geworden, en gingen Jezus Christus volgen. Dezen werden dan ondergedompeld in water, bijvoorbeeld in een rivier of in een ritueel bad in de tempel.
In Baptistengemeenten bestaat die gewoonte nog steeds –
Ontstaan Baptistengemeenten
In de tijd van de Reformatie (16e eeuw) hebben de zogenoemde 'dopersen' nog de meest radicale pogingen gedaan om de kerk te vernieuwen. Zij vormden echter niet één groep, maar verschillende bewegingen. Omdat zij de kinderdoop afwezen werden zij door hun tegenstanders 'Anabaptisten' genoemd, oftewel 'wederdopers'. Uiteraard wezen de dopersen deze term van de hand, aangezien zij de ceremoniële besprenkeling van een kind niet als doop beschouwden, dus in hun optiek ook niet een tweede keer doopten.